Katatonisch en wat nu

posted in: autisticat | 0
Zo kregen we Jur terug van schoolzwemmen. Twee volle dagen heeft deze toestand geduurd.

Jur heeft een hekel aan “catatonisch” met een c. “Die c is Latijn en katatonie komt uit het Grieks”, daar is hij streng in. Tja, hij kan niet veel, maar aan de taal moet je niet zitten. Ook met een grapje als “kattatonisch” kan hij niet veel beginnen, maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat een sprankelend gevoel voor humor sowieso niet de grote kracht van de autistische poes is, dus achter zijn rug om zeggen we het nog steeds. Dan lachen we, omdat er verder niets te lachen valt, en als ik deze regel schrijf word ik overmand door een diep gevoel van treurigheid. Treurigheid heeft echter geen plaats binnen het 24/7 zorgpatroon dat een autistisch huisdier met een leerachterstand vereist: hands on doorpakken, mouwen opstropen, alle beschikbare vingers in de dijk, de innerlijke Rotterdammert alle ruimte geven en met de hele Zeeuwse uithoudingskracht de dakgoot vasthouden.

Natuurlijk gaat het hier niet om ons, wij zijn slechts de naamloze spuitgasten, die vechten tegen de steeds opnieuw oplaaiende brandhaarden van zichtbare en onzichtbare symptomen van de autistische kat. Tot deze talrijke symptomen behoren ook de katatonische aanvallen, waar hij vanuit het niets – dat toch het leeuwendeel van zijn bestaan uitmaakt – door kan worden overvallen.

En zo kregen we Jur terug van maatschappijleer, er moest een haptonoom aan te pas komen om hem weer uit deze positie te aaien.

Als meest voorkomende psychische begeleiding van katatonische aanvallen geldt een bipolaire stoornis, gevolgd door schizofrenie. Dat maakt het extra moeilijk, want autisten zeggen niet zo veel, dus je weet nooit precies wat er nog meer zit. Het ondergesubsidieerde speciale onderwijs, waar we Jur aan hebben overgegeven, heeft als enig diagnostische hulpmiddel een oude bijbel, en de schoolpsycholoog is een ouderling, die na een akkefietje met een minderjarige parochiaan even niets anders omhanden heeft.

Wat de oorzaak ook moge zijn: wij zitten er maar mee. Jur minder, die merkt er niet veel van, maar wij krijgen hem op de vreemdste manieren terug van school, dan is de spanning er plotseling op geslagen, bijvoorbeeld door de zenuwen over een proefwerk, waar hij niets voor geleerd heeft. Dan zit hij onwrikbaar vast en hij is zelfs al eens doodverklaard door de leiding. We waren net op tijd om er voor te zorgen dat hij tijdens de middagpauze niet werd begraven, samen met zijn pakje sinaasappelsap.

De autistische kat an sich is een last voor iedereen, dan zou de katatonische autistische kat eigenlijk een opluchting voor de zwaar beproefde baasjes moeten zijn. Lekker rustig toch? En het scheelt ook nog eens oxazepam. Helaas, zolang het onderwijs voor Bijzonder Achtergebleven Katten met dermate weinig middelen haar zegenend werk moet verrichten, zal het blijven voorkomen dat poezen ten onrechte worden begraven of zelfs met een vermeende coma in de kasplantjesafdeling terechtkomen en zodoende nog harder drukken op het toch al uitgelebberde zenuwstelsel van de door stress aangevreten baasjes, maar dan heeft poes alle oxazepam al op. Wij pleiten daarom voor een herkenningssysteem, waarin de baasjes al in een vroeg stadium de last van het slikken van oxazepam over kunnen nemen, dat is voor iedereen een stuk rustiger.

facebooktwittergoogle_pluslinkedinmail

Leave a Reply